Is ADHD erfelijk?
Bijgewerkt op: 12 mei 2025

Het antwoord is: ja, grotendeels wel. Onderzoekers gaan ervan uit dat ADHD voor ongeveer 75 tot 80% genetisch bepaald is. Dat betekent niet dat er één ‘ADHD-gen’ bestaat, maar dat het gaat om een combinatie van veel kleine genetische variaties, die samen – en in wisselwerking met je omgeving – invloed hebben op hoe je brein zich ontwikkelt.
ADHD zit dus vaak in de familie
Misschien herken je het wel: een kind met ADHD, een ouder die zich later alsnog laat testen, een tante met “datzelfde chaotische hoofd”... Dat is geen toeval. Broers, zussen of ouders van iemand met ADHD hebben een aanzienlijk verhoogde kans om ook ADHD te hebben of kenmerken ervan te vertonen.
Wat zegt het onderzoek?
Wetenschappers ontdekten op twaalf plekken in het DNA genetische variaties die het risico op ADHD verhogen.Deze genen beïnvloeden o.a. de communicatie tussen hersencellen, impulscontrole, leervermogen en prikkelverwerking.
De genen die betrokken zijn bij ADHD hebben vaak te maken met dopamine en serotonine, stoffen die belangrijk zijn voor focus, motivatie en stemming.
Toch blijft het een complex verhaal. Genetica is een belangrijke factor, maar omgeving, opvoeding, stress en leefstijl spelen óók een grote rol. ADHD is dus niet zwart-wit, maar een samenspel van aanleg én omstandigheden.
Waarom is dit belangrijk om te weten?
Het helpt je beseffen dat ADHD geen ‘tekortkoming’ is, maar een andere manier waarop je brein werkt – vaak al vanaf je geboorte.
Het kan verklaren waarom meerdere mensen in je familie vergelijkbare uitdagingen (of talenten!) ervaren.
En het laat zien waarom begrip, kennis en ondersteuning zo waardevol zijn – voor jezelf én je omgeving.
ADHD zit in je, maar het bepaalt je niet. Hoe jouw brein werkt, is een samenspel van aanleg, ervaringen en keuzes. En daar kun je – met begeleiding en zelfinzicht – stap voor stap mee leren werken.





Opmerkingen